Forum
Ik heb ergens gelezen dat je biologische filter zo moet gebouwd worden dat er per 0.1 vierkante meter oppervlakte van je filtermateriaal je een debiet van ongeveer 650 l/u moet doorsturen.
Als je veel lager gaat zouden de bacteteriën niet genoeg eten en zuurstof krijgen. Ga je te snel dan kunnen ze niet volgen en kunnen ze de stoffen (zuurstof en voedsel) niet "vastgrijpen".
Iemand daar iets over gehoord.
In Japan spreekt men van 1/3 filteroppervlak tegenover het vijveroppervlak.
Daar in Europa niet iedereen de plaats heeft om zulk een immense filter te plaatsen, zijn er meer en meer filters in de handel die, mits een goed onderhoud, even goed werken.
De eerste vereiste is een bodemdrainage en een conische vloer in de vijver. Daarop kan een vortex (draaikolkfilter) worden aangesloten die het probleem oplost waar veel vijverliefhebbers mee geplaagd zitten, namelijk het vervuilen van de filter.
Wanneer er teveel voeding wordt aangevoerd kunnen de bacteriën dit niet verbruiken en zal het teveel aan eten de filter verstikken.
De bacteriën in de filter leven in de zuurstofrijkste lagen van de filtermedia, daarom is een filter bijna nooit dieper dan één meter. Een goede zuurstoftoevoer in de filters zorgt er voor dat de nitrificerende bacteriën kunnen werken en zich vermenigvuldigen, micro-organismen halen hun energie uit deze levensnoodzakelijke zuurstof.
De doorstroming van een filter moet er voor zorgen dat het water van de hele vijver een zuiveringsbeurt krijgt. Zonder doorstroming krijgt men dood water in de filter. Aangenomen wordt dat een goede doorstroming betekent dat de volledige inhoud van de vijver om de drie a vier uur door de filter stroomt.
Een goed filtersysteem heeft in elk compartiment een bodemdrainage, waarlangs het overtollige vuil kan verwijdert worden.
Besluit:
1. Hoe groter het oppervlak van de filter hoe beter. De diepte is van secundair belang.
2. Een goede zuurstoftoevoer voor de bacteriën.
3. Afscherming tegen licht en isolatie tegen koude. Bacteriën kunnen geen licht verdragen en ze gaan in winterslaap zoals de koi wanneer het te koud is.
4. Een conische vijvervloer met bodemdrainage.
5. Een draaikolkfilter als voorfilter om het grof vuil op te vangen.
6. Een biologisch hart bestaande uit filtermateriaal met: a) plaats, b) een goede aanhechtingsmogelijkheid voor de micro-organismen.
7. Een regelmatige bediening van de bodemdrainage (afvoeren van slib).
8. Regelmatige waterverversingen (gebeurt automatisch als de bodemdrainage goed bediend wordt). Dat resulteert in een verversing van ongeveer 20% van de vijverinhoud per week.
9. Een filterinhoud die filtert van grof naar fijn en niet omgekeerd.
10. Filtermaterialen die niet kunnen blokeren, zoals borstels, flocor en Japanse matten.
Zijn deze tien punten van toepassing dan spreekt men over een biologische filterlijn die optimaal zijn werk doet.
Met vriendelijke groeten,
Edwig.
Ik heb het een beetje laten rusten 
Ik ga er dus vanuit dat niemand weet wat het optimale debiet is dat je per oppervlakte van je biologische filter mag doorsturen.
Of vergis ik mij?
Er moet toch een bepaald debiet zijn waarbij de aanvoer van eten en zuurstof het best overeenkomt met de gewoontes van deze bepaalde bacteriën.
Jim
Jim,
Geef me enkele dagen de tijd om alle cijfers op een rijtje te zetten en je krijgt een gedetailleerd en, hopelijk, bevredigend antwoord op die vraag
Jim,
Ik ben je nog een antwoord verschuldigd op de vraag i.v.m. filters. Er zijn een groot aantal boeken en studies gepubliceerd over waterzuivering en -recirculatie in de visteelt en meningen evenals conclusies lopen soms ver uiteen. Na raadpleging van enkele experts op dat gebied heb ik de volgende synthese gemaakt.
Er moeten een aantal basisprincipes in acht genomen worden:
• De vervuiling van een koi vijver is het resultaat van metabolisme, voeding en omgeving (tuinafval, vogels, enz)
• Telkens een koi verdubbelt in lengte dan wordt de vervuiling die hij veroorzaakt vermenigvuldigd met 10. Dus moet de filterinstallatie van in het begin voorzien worden op basis van onbekende gegevens.
• Het hoofdbestanddeel van de vervuiling in een visvijver is ammoniakale stikstof. Die komt voort uit het metabolisme van de vissen en uit voedselresten en ander organisch afval. Men kan dus een gedeelte van die ammoniakale stikstof uit de vijver houden door niet te veel te voeden en te voorkomen dat tuinafval in de vijver terecht komt.
• De totale oppervlakte van het filtermateriaal is belangrijk. De beschikbare oppervlakte van filtermatten wordt berekend op 400 m2/m3 . Dit is beslist het beste filtermateriaal omwille van het gemak van plaatsing en van onderhoud. Lavasteen van 1 cm heeft een beschikbare oppervlakte van ongeveer 400 m2/m3 maar die wordt gehalveerd bij verdubbeling van de grootte (200 m2/m3 voor 2 cm, 100 m2/m3 voor 4 cm, enz.). Hoe groter de beschikbare oppervlakte, des te meer bacteriën zich kunnen vestigen in de filter. Het materiaal moet goed doorspoelbaar zijn want anders komt het water niet in contact met de bacteriën.
• Typische NH3-N verwijdering bedraagt 1g/m2 filtermateriaal/dag. (op voorwaarde dat alle condities daarvoor vervuld zijn)
• De formule voor de berekening van de hoeveelheid NH3-N die de vijver produceert uit voeding is te ingewikkeld om van enig praktisch nut te zijn.
• De snelheid van stroming van het water over het filtermateriaal is uiterst belangrijk. Die moet minstens 4 tot 6 m3 /m3 filtermateriaal /uur bedragen . Het is wetenschappelijk bewezen dat het nitrificatieproces toeneemt naargelang de watersnelheid toeneemt. De waterstroom mag echter de bacteriën niet doen wegspoelen.
• Het rendement van een filter is ook afhankelijk van temperatuur en duisternis.
• Men neemt aan dat een vijver om de twee tot drie uur moet rondgepompt worden. Bij kleine vijvers moet dat om het uur zijn.
In de praktijk betekent dit dat een vijver van 10,000 liter met een "doorsnee" aantal vissen van "doorsnee" lengte, een pomp nodig heeft van 5,000 liter per uur. Dat debiet moet door de filter stromen met een snelheid van 4 m3 / m3 / uur en dat betekent dat het filtermateriaal een inhoud moet hebben van 1,250 liter.
Men mag hieruit afleiden als algemene regel voor een doorsnee vijver:
• het volume van het filtermateriaal moet minstens 10% van het watervolume bedragen
• de pomp moet minstens een debiet hebben van 50% van het watervolume per uur.
Beluchting, pH, KH, watervernieuwing, keuze van het filtertype, enz. kwamen hier niet ter sprake. Het zijn aparte onderwerpen met een enorme invloed op de werking van de filter.