benneman3
30-09-2001, 08:36
Ik ben een laatste jaars student aan de KHK te Geel. Ik volg de richting Graduaat landbouw en biotechnologie met de optie tuinaanleg. Ik zou graag een eindwerk maken over de kweek van koi (of ander koudwatersiervissen), daarom ben ik op zoek naar mensen met ervaring, kwekers, hobbiesten,...
Ook ben ik op zoek naar boeken e.d. over de kweek van koudwatersiervissen.
Zou iemand mij hierbij kunnen helpen.
Dank bij voorbaat,
Ben
Boeykens Edwig
02-10-2001, 16:59
Het kuitschieten
Een mannetjeskoi bereikt gewoonlijk zijn volwassenheid in twee jaar en een vrouwtje in drie jaar. Koi kan eenmaal per jaar kuitschieten, dat gebeurt tussen april en juni. Het kuitschieten heeft plaats tussen 4 uur ‘s morgens en de dageraad. Sommige koi lozen hun eitjes en een maand later weer, dat zijn eitjes die achtergebleven zijn de eerste keer. De bevruchting gebeurt uitwendig. De eitjes zijn kleverig en hun vorm is bolrond. De grootte van een eitje hangt af van de grootte van de moeder, de diameter ligt tussen 2.1 tot 2.6 millimeter. Een vrouwtjeskoi kan 200.000 tot 400.000 eitjes leggen, ze zijn kleurloos, maar de eerste eitjes hebben een lichtgele kleur. Hoe hoger de temperatuur hoe vlugger de eitjes uitkomen. In het algemeen duurt het ongeveer vier dagen bij een temperatuur van 20° C. Het voedsel voor baby-koi is eerst schaaldieren zoals watervlooien. In het latere groeiproces eten ze waterinsecten, schaaldieren of de jonge worteltjes van waterplanten.
Jonge koivisjes kweken
Het spreekt vanzelf dat een amateur nooit het resultaat zal evenaren van een doorwinterde kweker. Om superieure koi te kweken heeft men een jarenlange ondervinding en een speciaal talent nodig. Het nieuwe broedresultaat zal dan ook menige amateur teleurstellen.
Mannetjeskoi die ouder zijn dan twee jaar en vrouwtjeskoi ouder dan drie jaar kunnen als ouders gekozen worden. Een eerste klasse koi is niet geschikt om mee te kweken omdat het kuitschieten zowel de huid als de gezondheid van het dier op de proef stelt. Koi van goede kwaliteit maar zonder mooi kleurenpatroon zijn meer geschikt.
Een mannetje is slank maar bezit meestal een groot hoofd en grote borstvinnen. Een vrouwtje is breder en heeft een dikke onderbuik. Wanneer het paarseizoen is aangebroken zullen er witte blaasjes verschijnen op de borstvinnen van het mannetje. Het is mogelijk om één vrouwtje te laten paren met één mannetje, maar het is beter om twee of drie mannetjes te gebruiken.
Een vijver of tank voor het kuitschieten meet ongeveer drie bij zes meter en heeft een diepte van 50 cm. We bouwen hem liefst op een rustige en zonnige plaats. Tijdens de nacht moet de broedplaats kunnen afgedekt worden. De watertemperatuur moet 5° C hoger liggen dan de hoofdvijver. De wortels van enkele waterhyacinten fungeren als nestplaats. Een kunstmatig nest (in de handel verkrijgbaar) is nog een betere oplossing. Buiten een goede aanhechting van de eitjes heeft dit kunstmatige nest nog het voordeel dat het de eitjes beschermt tegen mogelijke beschadigingen.
Wanneer we een koppeltje koi die daar rijp voor zijn in de tank plaatsen, zal het vrouwtje de volgende morgen kuitschieten. We kunnen daarna best de ouders uit de broedplaats verwijderen. Kort na het kuitschieten worden de eitjes gedesinfecteerd, gebruik daarvoor malachietgroen in een oplossing van 1 op 300.000.
Dezelfde tank kan terug gebruikt worden voor het uitbroeden, maar een vinyl tank van 1,5 tot 2 meter in omtrek is meer geschikt. De watertemperatuur moet dezelfde zijn als de tank van het kuitschieten. Is het water meer dan 5° C kouder dan zullen de eitjes afsterven, is het water meer dan 5° C warmer dan zullen de eitjes tot ontbinding overgaan. Het uitbroeden zal in 4 tot 7 dagen plaats grijpen. Hoe warmer het water (let op de maxima en minima hierboven) hoe vlugger het uitbroeden gebeurt, hoe kouder het water hoe langer het zal duren.
Na twee tot drie dagen zal het jong gebroed beginnen zwemmen. De eerste twee weken krijgen ze watervlooien (daphnia) als voedsel, daarna worden ze overgebracht in een vijver voor kleine koi. Deze vijver moet niet dieper zijn dan 30 cm. Het is wel nodig om watervlooien in deze waterpartij te laten groeien vooraleer het jong gebroed daar in over te brengen. De dag dat de jonge visjes beginnen met watervlooien te eten en de dag dat de watervlooien zich beginnen te ontwikkelen moet dezelfde zijn. De voorbereiding om watervlooien te kweken begint veertien dagen voor de verwachte tijd van het kuitschieten.
Om watervlooien te kweken moet men eerst de vijver laten uitdrogen in de zon. Besprenkel de bodem van de vijver met kalk. Na twee dagen vullen we de vijver met water. Wikkel gedroogde kippenmest in een strooien mat en plaats dit onder water in de hoek van de vijver. Een zware steen houdt alles op zijn plaats. Infusoria (hooi in water geeft aanleiding tot het ontstaan van heel wat eencelligen. Dat verschijnsel hielp hen aan de naam ‘infusoria’ - infusie- of aftrekseldiertjes), plantaardig plankton zoals groenwieren en andere bacteriën zullen het eerst verschijnen. Binnen tien dagen beginnen watervlooien zich te ontwikkelen. Is dat niet zo, voeg dan enkele watervlooien aan het water toe, ze zullen zich vlug voortplanten.
Wanneer men kippenmest aan water toevoegt krijgt dit water een bruinrode kleur, maar geleidelijk aan wordt het meer doorzichtig. Op dat moment gaan watervlooien zich ontwikkelen en is het ook tijd om het jong gebroed naar deze vijver over te plaatsen. Tien kilogram kippenmest per 7m² is voldoende. Indien er meer mest voorzien wordt zal de ontwikkeling van watervlooien vertraagd worden, maar de latere aangroei zal langer duren. Indien er te weinig mest wordt toegevoegd zal hun ontwikkeling vlugger plaatsvinden, maar ze zullen ook vlugger uit het water verdwijnen.
Wanneer de babykoi groter worden eten ze volledig ontwikkelde watervlooien en na één maand kan overgeschakeld worden op artificiële voeding. In het geval u geen geluk heeft met de kweek van watervlooien of bij een tekort daarvan, kan ook fijngemalen eierdooier gebruikt worden. Gedroogde watervlooien, gemalen garnalen, melk of melkpoeder voor kalveren kunnen ook gegeven worden aan kleine koi, maar we moeten opletten om de waterkwaliteit niet te zwaar te belasten.
Wat zijn infusoria?
De meeste eencelligen kunnen een taaie cyste om zich heen vormen en zo droogte en bevriezing overleven. Ze worden dan door de wind meegenomen naar hopelijk een nieuwe en geschikte biotoop. Vandaar dat hooi in water aanleiding geeft tot het ontstaan van heel wat eencelligen. Dat verschijnsel hielp hen aan de naam infusoria of aftrekseldiertjes. We klasseren ze in vier groepen: de zweephaardiertjes, de wortelpotigen, de sporediertjes en de trilhaardiertjes.
Het zijn dus minutieus kleine diertjes en we hebben een microscoop nodig om hun als individuen te kunnen aanschouwen. Het zijn Protozoa, dierlijke organismen die bestaan uit één enkele cel. Al hun levensfuncties zoals zich voeden, voortplanting en ademhaling gebeuren binnen in de cel. Er zijn verschillende groepen Protozoa en elke individuele groep bevat een groot aantal species.
Een van deze groepen zijn de Ciliën en deze vormen de basis van de infusoriaculturen. Ze hebben allen trilhaartjes die een vloeistofstroom of een voortstuwing van vaste deeltjes over een oppervlak veroorzaken. Ciliën bewegen altijd volgens roeislagprincipe en vertonen daarbij onderlinge coördinatie. Ofwel slaan alle trilharen tegelijkertijd of het gebeurt met een korte interval na elkaar. Het aantal slagen varieert van 15 tot 25 per seconde, hetgeen een snellere beweging kan opleveren. Het resultaat is een golfvormige beweging over het hele oppervlak. Hoe de beweging precies tot stand komt, is onbekend. Waarschijnlijk schuiven de filamenten, waaruit de trilharen zijn opgebouwd, langs elkaar heen.
Een van de bekendste is het Paramecium of pantoffeldiertje om dat het veel voorkomt in vijvers. Vooral daar waar veel rottend plantenmateriaal aanwezig is want pantoffeldiertjes eten bacteriën. Het pantoffeldiertje volgt een schroefkoers en draait om zijn lengteas. Achteruitroeien kan het ook. Bij een botsing met een obstakel wordt net als een speelgoedautootje achteruit gegaan en schuin naar links of rechts opnieuw geprobeerd.
Infusoria als voedselbron
Als u visjes wil grootbrengen heeft u voedsel nodig dat klein genoeg is voor het gebroed dat juist in het water begint rond te zwemmen. Over de jaren heb ik al de wonderlijke en vreemde brouwsels gemengd die in boeken en artikels worden voorgesteld, met meestal een eindproduct tot gevolg dat een onaangename geur in huis verspreidde. De methode die ik echter nu gebruik heeft me in staat gesteld om mijn kleine visjes groot te brengen zonder dat ik hun waterkwaliteit te zwaar belaste. Ik gebruik daarvoor twee kleine, doorschijnende plastic bakjes waarmee ik al de infusoria kweek die ik nodig heb.
Een constante temperatuur van 23 à 24° C zal infusoria ontwikkelen op vier dagen tijd. Bij lagere temperaturen zal de cultuurtijd langer worden. Probeer het nooit onder de 20° C, want dat resulteert meestal in een mislukking.
Tips
1. Maak uw infusoriacultuur op tijd aan, vooraleer de visjes geboren worden.
2. Vergeet niet dat een warme en constante temperatuur noodzakelijk is.
3. Zet de cultuur niet in de keuken of dichtbij voedsel voor menselijke consumptie.
4. Als er een onaangename geur is waar te nemen en er verschijnt en slijmerige film op het water, giet het mengsel dan weg en herbegin.
5. Met een goed vergrootglas is het reeds mogelijk om de protozoa te zien.
6. Met het blote oog zien we de infusoria bewegen in wolkjes van stof.
7. Voeder niet vooraleer de visjes vrij rondzwemmen. De eerste dagen leven de visjes van de voedzame eizak waarin ze zich ontwikkelden.
Met vriendelijke groeten,
Edwig
Entoshof
17-09-2005, 12:39
Kijk eens op mijn site, waar ik het kweken van koi beschrijf in een dagboek.
Kijk op: http://home.wanadoo.nl/entoshof
Vriendelijke groet,
Arjan Baan